|
Dansend door
het leven, Andrea Sterck meer dan 60 jaar
dansleiding.
De
Vlaamse volksdanswereld, - inzonderheid de
gildendansers -, mogen dankbaar terugblikken op meer
dan 60 jaar danservaring van Andrea Sterck die zopas
haar 80e verjaardag vierde. Nog steeds
actief als dansleidster in de Sint-Jorisgilden te
Malle en Minderhout, getuigt deze dame van een
enorme vitaliteit, danskennis, jury-ervaring, en is
zij onvolprezen medewerkster aan tal van publicaties
omtrent de beschrijving en uitvoering van Vlaamse
volksdansen.
Geboren te
Mechelen op 30 maart 1928, kwam zij als jong meisje
terecht in de scouting gidsengroep in O.l.Vrouw over
de Dijle. Als jeugdleidster van deze groep behaalde
zij in 1948 haar eerste diploma na drie jaar
volksdanscursus. Met een groep van 100 jeugdige
dansers animeerde zij deze groep van 1950 tot 1959,
om via een zeer ruim dansrepertorium toen reeds
talrijke dansoptredens voor haar rekening te nemen.
De gilde van Weerde was de eerste die beroep deed op
haar technische kennis om volks- en gildendansen als
ontspanning over te brengen. Haar studies aan de
Sociale Hogeschool te Brussel, specialisatie
Volksopleiding, bracht haar in contact met Jozef
Ernalsteen, toen griffier, later opperhoofdman van
de Hoge Gildenraad der Kempen. Met overtuigend
succes verdedigde zij voor de Centrale jury te
Brussel haar thesis over “Leven de Kempische gilden
nog, en wat doen de jongeren inzake volkskunst”.
Jozef Ernalsteen kon de eerste opperhoofdman en
rechter Van Ostayen uit Brecht overtuigen, en deze
vroeg haar om vanaf 1957 te willen zetelen in de
keurraad van het gildenwezen.
De naoorlogse
periode, met de oprichting van de Hoge Gildenraad
der Kempen in 1952 was de ideale voedingsbodem om
folklore, tradities en volkskunst te promoten. Haar
contacten met Louis Doms (muzikant Hoogstraten),
Suske Schellens (Hoofdman-speelman Westerlo), en Omer François (auteur vendelzwaaien en volksdansen)
waren inspirerend om het Kempense dansgebeuren en
volkskunst definitief op de kaart te zetten. De Kempische gilden deden massaal beroep op Andrea
Sterck om hun dansrepertorium uit te breiden en bij
te schaven. Ze gaf dansleiding in tal van
gerenommeerde gilden, o.a. Essen, Herentals,
Kasterlee, Kampenhout, Keerbergen, Lichtaart,
Loenhout, Meerle, Merksplas, Minderhout, Nieuwmoer,Olen,
Oostmalle, Pulle, Rijkevorsel, Veerle, Vlimmeren,
Weerde, Westmalle, Westerlo en Wildert.
Waren er in de
vijftiger jaren slechts een achttal dansende gilden
in de Kempen, dan evolueerde dit in 1986 tot 29
gilden die tijdens het jaarlijks groot gildenfeest
een dansoptreden verzorgden. De stichting van de vzw
Verbroedering van Midden- en Zuiderkempen in 1971
heeft mede door de inzet van Andrea dit fenomeen
in de hand gewerkt. Zij presteerde het om gedurende
meer dan 300 danscursusdagen op zondagnamiddag in
de stadsfeestzaal te Geel en de zaal van de school
in O.L.V.-Olen, om een paar honderd gildenleden aan
het dansen te krijgen, met enorm succes zo blijkt.
Deze dansnamiddagen vonden later plaats in kleinere
zalen in Zandhoven, Westmalle, St. Lenaarts,
Vlimmeren, Schaffen, Voortkapel e.a. Tot omstreeks
2002 werden op verzoek van de gildenleden tijdens
de winterperiode op dinsdagavond danscursussen
georganiseerd te Oostmalle, Rijkevorsel, Wuustwezel
en Merksplas. Ook gegadigden uit volksdansgroepen
namen deel, en er werd gezorgd voor een unieke en
ruime muzikale begeleiding, waar tot meer dan 100
dansliefhebbers zich konden uitleven, enig.
Andrea Sterck
had 42 jaar lang zitting in de keurraad of jury
van de Hoge Gildenraad tijdens gildenfeesten en
landjuwelen van 1957 tot 1999. Tot in het zelfde
jaar leidde ze tientallen dansfestijnen in het
gildenwezen, met name het feest ten voordele van
mindervaliden, en bij de uitreiking van de orde van
Trouw. In mei 1978 werd zij door de Hoge
Gildenraad zelfs vereremerkt met een gouden “Orde
van de Papegaai”, en werd ze aangesteld als
verantwoordelijke voor het dansen bij de Hoge
Gildenraad der Kempen.
Naast het
gildenwezen liet Andrea Sterck zich niet onbetuigd.
Ze was in 1968 medestichter van ‘Gelmel’
gerenommeerde dansgroep te Schoten. Deze breidde
uit tot drie dansgroepen, door de stichting van
‘Tralman’ (ouderen) en ‘De Rommelpot’ (jeugd), samen
verenigd in ‘Volkskunstkring Schoten’. Van 1968 tot
1981 was zij dansleidster van deze drie groepen, en
speelde zij het klaar om op het werelddansfestival
van Schoten jaarlijks een ‘première - voorstelling’
te verzorgen met als thema o.a. “oogst”, “vrijen en
trouwen”, “verhuis naar het nieuwe erf”, “de
jaarkring”, “de Ijslandvaart” e.a..
Van 1992 tot
2006 was zij verantwoordelijk voor de groep “Old
Time en Sequence dansers” te Oostmalle.
Naast
dansopleidingen voor de Volksdanscentrale voor
Vlaanderen (V.D.C.V), voor het N.J.V , en voor het
‘Dansarchief’ waarvan ze nog steeds werkend lid is,
was deze dame een veelgevraagde gastdocente in
Nederland (Brinkdansers Netersel en Kempische
Dansers Bergeyck),de gilde van Reusel en Hogerheide,
in Duitsland (Europawoche, Burg-Ludwigstein,
Marburg, Wolfshausen en Cölbe), in Frans Vlaanderen
en in Frankrijk (Segré). Met Gelmel en
Volkskunstkring Schoten nam ze deel aan
dansfestivals in Tunesië, Ierland, Duitsland,
Italië, Nederland en Israël. Met een
gildeafvaardiging uit Herentals, Westerlo en Tielen
trok zij voor dansoptredens naar Spanje, en met de
Sint-Jorisgilde van Oostmalle beleefde zij
hoogtepunten in Portugal. Een dansoptreden in 1997
tijdens het wereldcongres van de imkers in de Kon.
Elisabethzaal te Antwerpen was een hoogtepunt, samen
met de gilden van Oostmalle, Merksplas en Vlimmeren.
Moet het gezegd
dat deze dame van de volksdans dan ook alle lof
verdient. Een voettocht naar Santiago de Compostella
in 1992 staan op haar palmares, terwijl een
wekelijkse zwembeurt, wandelen, muziek, volksdans
en sequence-dans haar wellicht eeuwig jong houden.
Wij wensen haar nog vele jaren.
Jan Oostvogels,
|
Erehoofdman
Koninklijke Sint-Sebastiaansgilde
Vlimmeren

Anno 1688
Koninklijke Sint-Sebastiaansgilde
Vlimmeren |
Erevoorzitter
heemkundige
kring De Vlierbes
Beerse-Vlimmeren

Heemkundige Kring
De Vlierbes
Beerse - Vlimmeren |
|