Mijn spreekbeurt zal gaan over de lawines in Galtür van februari 1999. Dat was zoals jullie wel weten een risicovolle  reis die ik heb meegemaakt. Ik zal eerst de situatie eens duidelijk maken en de rij opeenvolgende lawines eens voorstellen. Dan zal ik iets meer vertellen over het rampengebied in Galtür, daarna  vertel ik  hoe redders naar mensen in de sneeuw zoeken en als laatste over de evacuatie en het terughalen van onze auto.


Ik zal eerst duidelijk maken dat wij in het dorpje Wirl zaten dat alleen maar bestaat uit hotels. Ons hotel lag op een 4 à 500 meter van het dorpje Galtür. Galtür is dus het enige dorpje in het dal.   

Op zondag 21 februari ging om 12.05 de alarmsirene af. We dachten toen dat het een “aangestoken” lawine zou geweest zijn maar dat was blijkbaar niet zo. Dit was de eerste weliswaar kleinere lawine heel dicht waar later de moordende lawine zou neerkomen. Op dat moment was er niet zoveel mist zodat ik die lawine naar beneden heb zien komen.

Op dinsdag 23 februari 1999 (jullie zaten toen op school) herhaalde dit scenario zich. Omstreeks 16.00 ging diezelfde sirene af in het dal. Maar er was een heel dichte mist zodat we maar hoogstens 5 meter ver konden kijken. Kort daarna vernamen we via een speciaal radiobericht dat er een moordende lawine op het dorpje Galtür was neergekomen.

Dat was dus wat de Oostenrijkers vreesden. Ook die avond was het telefoonnet onbruikbaar wegens overbelasting, maar gelukkig had papa er aan gedacht onmiddellijk peter en oma te verwittigen dat ze niet ongerust moesten zijn, dus nog voor dat het telefoonnet overbelast zou zijn. Op het ogenblik dat de moordende lawine naar beneden was gekomen had ons hotel een sleewedstrijd georganiseerd om ons wat verstrooiing te geven. We mogen van geluk spreken dat wij er niet onder zaten. Die avond had iedereen de schrik goed te pakken. Gelukkig hadden ze ons in het hotel meegedeeld dat we 100% veilig zaten, dat was voor de meesten wel een grote geruststelling ondanks dat een moordende lawine in het dal was neergekomen. Op dat moment kon geen enkele auto nog rijden aangezien dat alle wegen “gesperrt” waren. (Dat wil zeggen dat ze ingesneeuwd waren). We konden dus zeker niet met de auto naar huis gaan. Vele zaten toen ook met héél véél vragen zoals: hoeveel doden zouden er geteld worden? Was dit de eerste van een hele reeks?,... Wij wisten niets! De ergste ramp was ook nog dat de reddingswerkers niet naar het dal konden komen wegens de hevige sneeuwstormen en de dichte mist.

De helikopters waarmee de hulpverleners, hulphonden en het materiaal gedropt werden.


De eerste nacht konden we niet slapen. We wisten immers dat er vele mensen onder de sneeuw lagen en maar niet geholpen werden. En nog een probleem: er was maar een dokter in heel het dorp. Men heeft toen alle dokters en verplegers uit hun hotels gehaald en gevraagd om te komen meehelpen. De rest van de bevolking en de vakantiegangers hielpen mee om te zoeken naar overlevenden. Maar het nodige materiaal en de levensnoodzakelijke lawinehonden waren er niet.

Rond 2 uur 's nachts begon de hardnekkige mist op te lossen. Toen begonnen we stilaan het rampengebied te zien. De reddingswerkers hadden op alle palen spots aangebracht om het rampengebied te verlichten. Dat leek door de mist eerst een stip maar naarmate de mist optrok, werd het hele rampengebied verlicht. Dat licht viel als het licht van een gele kaars op de bergflank. De ravage was enorm. Talrijke huizen waren zondermeer gewoon van de kaart weggeveegd. Veel mensen zochten naar overlevenden. Maar de professionele hulp kwam maar niet opdagen. De nacht van dinsdag op woensdag kwam namelijk de derde lawine over Galtür heen. Maar gelukkig maakte deze derde net als de eerste geen slachtoffers. Maar de sfeer werd angstiger. Wanneer zou de volgende lawine naar beneden komen? 

Dan om 17.15 uur kwamen de groene en gele helikopters het rampengebied binnengevlogen. Het kloppend lawaai van de motoren ging als een  hamer het dal binnen. Eindelijk ze waren er. De gele dienden om medische bijstand te dienen (AMTC helikopters). De groene legerhelikopters brachten het materiaal en de 400 hulpverleners met hun speciaal getrainde herdershonden. Het dal werd gevuld met een oorverdovend lawaai. In een recordtempo landden de helikopters en stegen onmiddellijk weer op. De eerste luchtbrug was een feit. Met een goede tien helikopters werden 400 mensen   met het materiaal gedropt. Vrij snel begonnen de gele helikopters de zwaar gewonden over te vliegen naar het dichtstbijzijnde ziekenhuis in INNSBRUCK. In dat ziekenhuis is schitterend werk verricht. Voor zover ik weet zijn alle slachtoffers die levend het dal hebben verlaten, gered. Niemand is in het ziekenhuis gestorven, toch nog iets positiefs. Die woensdagnamiddag was het stralend weer... maar het zou van korte duur zijn.  

Het zoeken van mensen in een lawine is niet gemakkelijk. Alles is bedolven in de sneeuw. Maar in die sneeuw liggen niet alleen mensen maar ook brokstukken van wat er stond. In feite gaat alles in drie stadia. Eerst komen de helpers die “sonderen “. Zij gaan met lange fijne stalen stokken op een rij staan. Schouder aan schouder. Dan prikken zij in de sneeuw. Daarbij kunnen ze drie dingen vinden: ofwel voelen ze geen weerstand, ofwel krijgen ze weerstand, maar zonder dat er enige veerkracht bij komt kijken. Door ervaring en training beslist hij of het om een gewoon kledingstuk gaat, een stuk plastiek,... of materiaal (stenen, hout,...). Geen mensen dus. Hebben zij weerstand met veerkracht (de fijne stalen stok komt spontaan terug naar boven) dan komt een reddingsleider “voelen”, daar de kans bestaat dat het een mens is. Daarbij kan hij ook beroep doen op de lawinehonden. Eenmaal de leider beslist dat het een mens kan zijn, zal de tweede groep die bestaat uit gravers aan het werk gaan. Heel voorzichtig met schoppen gaan ze graven tot op de plaats waar de weerstand zich bevond. Daarbij zal de herdershond vaak in de buurt blijven. Naarmate hij meer blaft en met aandrang de plaats niet wil verlaten maar er in tegendeel blijft ronddraaien, weten de gravers dat er een zéér grote kans is dat er mensen zullen gevonden worden. Worden er mensen gevonden dan komt de derde groep hulpverleners namelijk de artsen. Maar bijna nooit kwamen zij te laat. Zij konden enkel de dood vaststellen.


Op donderdagmorgen 25 februari kwam de legerhelikopter ons oppikken aan het hotel. Toen we landden in Landeck, werden we met harde hand uit de helikopter gehaald. Landeck was drukker dan de evacuatieplaats in Wirl. Maar dat was logisch. Constant landden daar helikopters. Het dal moest immers die dag leeg. Donderdag scheen de zon al flink en dat zou ook zo zijn op vrijdag. Het gevaar dat er lawines zouden afgaan was dus zeer groot. In Landeck zelf werden we naar de refter van de legerkazerne gevoerd (al was het maar 100 meter lopen). Daar moesten we ons aanmelden op de evacuatielijsten die  later onmiddellijk werden aangepast op een Internetsite. Dan om 10 uur 's avonds gingen we dan met de bus naar de luchthaven van Innsbruck.  Normaal sluit de luchthaven van Innsbruck maar speciaal voor de Belgen bleef ze open. Rond 12.15 uur landde het Sabena vliegtuig in Innsbruck dat rechtstreeks vanuit Zaventem kwam. Normaal zou Toering Assistance een Boeiing ingezet hebben, maar die kon niet landden op de kleine luchthaven. Bovendien moest er een speciale bemanning worden gevonden, want niet om het even welke piloot kan 's nachts landden op een zeer kleine luchthaven te midden van de bergen!

Wij zijn vertrokken omstreeks 12.40 uur. De vlucht verliep schitterend.

Er was lekker eten, de bemanning was zeer vriendelijk,....

Wij landden omstreeks 2.30 uur in Zaventem. Toen de wielen van het vliegtuig met een lichte schok de landingsbaan raakten, brak er in het vliegtuig een luid applaus uit. Wij waren terug... Veilig en wel.


We waren gered, we waren thuis. Maar hadden nog een probleem, onze auto en de overgebleven bagage. Want wij mochten alleen het meest nodige meenemen! Dus moesten we nog om onze auto. Maar dat was werk voor de grootouders.