Het spelbord toont het land van de koning als een gebied van 8x8 velden op dewelke in de loop van het spel de burchten gebouwd worden. Aan de rand van het spelbord wordt de score bijgehouden.
De spelers krijgen bij elke van de 3 waarderingen punten voor de burchten waar ze met hun ridders vertegenwoordigd zijn. Om de punten te bepalen wordt telkens de oppervlakte van de burcht vermenigvuldigd met het niveau waarop de ridder staat. Wie na de 3 waarderingen de meeste punten verzameld heeft wint het spel.
Torres verloopt in 3 fazen. Elke faze eindigt met een puntentelling. De eerste faze bestaat uit vier ronden, de tweede en derde telkens uit drie ronden (behalve als je met twee speelt, dan zijn er altijd 4 ronden). Een ronde is gedaan als elke speler aan de beurt geweest is.
Voor het begin van elke faze krijgen de spelers bouwstenen uit de algemene voorraad. Het aantal bouwstenen dat uitgedeeld wordt is te zien op de PHASEN-kaarten. Elke speler stelt de bouwstenen voor zich op zoals afgebeeld op de kaart. Dit is de voorraad voor deze faze.
Voorbeeld bij 4 spelers:
De jongste speler begint. Daarna gaat het spel voort in wijzerzin.
Wie aan de beurt is heeft 5 aktiepunten ter beschikking die in willekeurige volgorde over de vogende akties kunnen verdeeld worden. (zie ook de CODEX-kaarten).
Een nieuwe ridder moet altijd op een vrij veld onmiddelijk naast een eigen ridder ingezet worden.
Dit vrije veld moet:
Elke reeds geplaatste ridder heeft dus maximum 4 inzetvelden rond zich.
Je kan tijdens je beurt zoveel ridders verzetten als je wil (zolang je nog aktiepunten hebt).
Een ridder kan (behalve als een aktiekaart iets anders toelaat):
De bouwstenen hebben aan de vier zijden deuren. Ridders kunnen door deze deuren gaan! Dit wil zeggen: Een ridder kan in een deur binnengaan en uit een willekeurige deur van de zelfde burcht terug buitenkomen. Dit kost maar 1 aktiepunt. De ridder moet hierbij ofwel op hetzelfde niveau blijven of willekeurig veel niveau's dalen.
De bouwsteentorens die voor elke speler staan geven aan hoeveel ronden er nog overblijven tot de volgende puntentelling.
Tijdens je beurt mag je enkel de bouwstenen van 1 toren gebruiken. Je mag zelf kiezen welke toren.
Als je op het einde van je beurt niet alle stenen van de toren gebruikt hebt moet je het overschot verdelen over de resterende torens van je eigen voorraad. Een toren mag echter niet uit meer dan 3 bouwstenen bestaan. Als je dan nog stenen overhoud gaan deze terug naar de algemene voorraad. Je mag geen nieuwe toren beginnen.
Bouwstenen die over zijn na de puntentelling moeten ook terug naar de algemene voorraad.
Bij het inzetten van bouwstenen gelden de volgende regels (behalve als een aktiekaart iets anders toelaat):
Per zet kan een speler maximaal 2 kaarten kopen. De gekochte kaarten mogen niet in dezelfde zet gebruikt worden. Je kan ze echter tot het einde van het spel gebruiken.
Per zet kan maar 1 aktiekaart ingezet worden, deze mag echter niet in dezelfde zet gekocht zijn. Je legt de kaart op een willekeurig moment tijdens je zet af en voert de aktie die erop staat kostenloos uit. De kaart wordt uit het spel genomen.
Als je op het einde van je beurt nog aktiepunten over hebt die je niet wil gebruiken dan mag je de pion van je kleur een overeenkomstig aantal punten verder zetten.
Je zet je pion 1 veld verder op de puntenlijst voor elk aktiepunt dat je nog over hebt. Op elk veld van de puntenlijst kan maar 1 pion staan. Als je op een bezet veld terechtkomt mag je de pion naar het volgende vrije veld verzetten.
Aan het einde van elke faze komt het tot een waardebepaling. Je krijgt enkel punten voor de burchten waar je door minstens 1 ridder vertegenwoordigd wordt. Maar je krijgt slechts 1 keer punten per burcht. Als meerdere ridders van dezelfde speler op een burcht staan krijgt enkel de hoogste punten.
Per burcht krijg je punten volgens de volgende formule: Het niveau waarop de ridder staat vermenigvuldigd met het grondoppervlak van de burcht.
Als ridders van verschillende kleuren op dezelfde burcht staan krijgen ze elk punten volgens de bovenstaande formule.
De punten worden in uurwijzerzin uitgedeeld. Als een speler na de puntentelling van al zijn ridders op hetzelfde vakje staat op de puntenlijst dan een medespeler dan mag hij 1 punt verder gezet worden.
Hiervoor geldt een speciale puntentelling. Om te beginnen worden punten gegeven zoals bij de gewone burchten. Daarna worden er extra punten verdeeld:
Ook als meerdere ridders van dezelfde kleur aan deze voorwaarde voldoen krijg je maar 1 keer extra punten.
Als de waardebepaling gedaan is begint een nieuwe faze. De spelers krijgen bouwstenen uit de algemene voorraad zoals aangeduidt op de PHASEN-kaart. Het spel gaat voort in uurwijzerzin.
De speler die na een waardebepaling de minste punten heeft mag de koning op een andere burcht zetten. Hij mag hem voor het begin van de volgende faze op een willekeurige vrije bouwsteen op een willekeurig niveau zetten.
Het spel eindigt na de 3e waardebepaling. Wie dan de meeste punten heeft is de succesvolste koningszoon en wint het spel.
Wie vindt dat toeval een te grote rol speelt bij het normale reglement kan op de volgende manier spelen:
Elke speler krijgt de 10 aktiekaarten van zijn kleur, schudt ze en legt ze als verdekte stapel voor zich.
Wie voor 1 aktiepunt een aktiekaart wil kopen neemt de bovenste 3 kaarten van zijn stapel en kiest er 1 uit. De 2 overblijvende kaarten legt hij verdekt op of onder zijn stapel. De gekochte kaart mag maar in een volgende beurt ingezet worden.
Nadat je de basisversie onder de knie hebt wordt het tijd voor een nieuwe uitdaging. De regels voor de normale versie blijven gelden maar daarbij komen de volgende regels:
Bij het begin van het spel worden de eerste 8 bouwstenen niet op de aageduide velden gezet. De spelers beslissen zelf waar de burchten ontstaan. Hiervoor neemt elke speler om de beurt een bouwsteen en zet hem op een willekeurig veld op het bord, tot er acht bouwstenen op het bord liggen. De jongste speler begint. Er moet wel op gelet worden dat de stenen in horizontale en vertikale richting minstens 2 velden van elkaar verwijderd zijn. De diagonale afstand moet ook minstens 1 veld zijn.
Elke speler krijgt bij het begin van het spel een set met 10 aktiekaarten in de kleur van zijn ridder in de hand. Elke speler staan dus dezelfde kaarten ter beschikking.
Er bestaat dus geen algemene stapel met aktiekaarten, hierdoor vervalt ook het kopen van aktiekaarten.
De 8 MEISTER-kaarten worden geschud, 1 ervan wordt omgedraaid en naast het spelbord gelegd.
Deze opgave geldt voor alle spelers. Wie deze opgave vervuld heeft op het einde van het spel of op het einde van een faze krijgt zoveel punten als er aangeduid staan op de kaart.
Zolang er niemand punten heeft veranderd de startspeler niet. Vanaf dat er iemand punten heeft wordt bij het begin van elke ronde opnieuw bepaald wie startspeler is.
De startspeler is altijd diegene met de meeste punten. De andere spelers volgen in uurwijzerzin.
Dit gebeurt op dezelfde manier bij het begin van een nieuw faze.
Je mag eenmalig 2 niveau's omhoog naar een vrij veld klimmen.
Het veld waar je naartoe wil moet een naburig veld zijn.
Zet onder 1 van uw ridders een bouwsteen uit de eigen voorraad (van een willekeurige stapel).
Neem de bouwsteen van een willekeurige voor u staande stapel. Uw ridder mag op een willekeurig niveau staan. De burcht mag door deze aktie niet hoger worden dan zijn grondvlak groot is. Als uw ridder op niveau 0 staat kunt u met deze aktie een nieuwe burcht beginnen, op voorwaarde dat het veld van de ridder geen andere burcht raakt (diagonaal is wel toegelaten).
Zet een extra bouwsteen in uit de algemene voorraad.
De normale regels voor het inzetten van bouwstenen gelden.
Ga met uw ridder in een naburige toren en kom uit een willekeurige toren van dezelfde burcht op een vrij veld er weer uit.
Je kan hierbij willekeurig veel niveau's overwinnen zolang je uit een toren komt op een vrij veld. Je mag je ridder niet op een willekeurig veld van de burcht zetten maar je moet een toren verlaten die naast het veld staat waar je wil terecht komen.
Ga in uw zet 1 veld diagonaal. Je kan daarbij ook 1 niveau overwinnen.
Je kan met deze zet ook van burcht naar burcht gaan als de burchten elkaar diagonaal raken en je ridder op 1 van de rakende velden staat.
In deze zet kan u in totaal over 6 aktiepunten beschikken.
Je hebt dus 1 extra aktiepunt.
In deze zet kan u in totaal over 7 aktiepunten beschikken.
Je hebt dus 2 extra aktiepunten.
Verzet een willekeurige vrije bouwsteen op het spelbord naar een andere vrije plaats. Een burcht mag hierdoor niet gedeeld worden.
Als een burcht maar uit 1 bouwsteen bestaat kan je deze bouwsteen ook verzetten of aan een bestaande burcht bijbouwen zodat er na uw zet een burcht minder is. Er moeten echter op elk moment minstens 6 burchten op het spelbord staan. Ook mag geen enkele burcht hoger zijn dan zijn grondvlak groot is. Je kan door deze aktie ook een nieuwe burcht stichten, als je een bouwsteen bij een burcht wegneemt en hem op een vrij veld zet zodat hij geen andere burcht raakt (diagonaal is toegelaten).
Je mag een eigen ridder van het spelbord nemen en hem op een ander veld kostenloos terug inzetten. (wel rekening houden met de normale regels voor het inzetten van nieuwe ridders)
Je mag over een vreemde ridder springen. Het niveau van de ridder waar je overspringt is willekeurig. Het veld waarop je land moet op hetzelde niveau, 1 niveau hoger of willekeurig dieper zijn.
Je mag enkel in een rechte lijn springen. (niet diagonaal)