Vertaling door Marc Van den Branden

BOHNANZA


Doel van het spel

De speler die op het einde van het spel het meeste geld heeft verdiend, wint het spel.


Spelmateriaal

.    104 speelkaarten onderverdeeld in 8 bonensoorten
.    6 'derde bonenveld'-kaarten

Spelvoorbereiding

.    De 'derde bonenveld'-kaarten worden klaargelegd.
.    De 104 bonenkaarten worden goed geschud. Elke speler ontvangt er één voor één 5 van. De volgorde van de kaarten moet bewaard blijven. Een nieuwe kaart wordt steeds achter de voorheen ontvangen kaarten gestopt. Het sorteren van de ontvangen kaarten is dus niet toegestaan. De eerste kaart die een speler krijgt, komt bovenaan zijn stapeltje, de andere worden er in volgorde achter gestoken.
.    De resterende kaarten worden verdekt (met de munt-zijde naar boven) als één voorraadstapel midden op tafel gelegd.
.    De speler links van de deler begint het spel.

Spelverloop

.    Op elke bonenkaart staat bovenaan afgebeeld hoeveel kaarten er van die bonensoort beschikbaar zijn. Het aantal beschikbare kaarten varieert van 6 tot en met 20. Onderaan de bonenkaart staat de 'bonometer' afgebeeld. Deze geeft aan hoeveel de verkoop van de betrokken bonen - afhankelijk van het aantal aangeboden bonen - kan opbrengen. De maximale opbrengst van een verkoop bedraagt 4 munten/punten. Op de achterzijde van een bonenkaart staat steeds één punt/munt afgebeeld.
.    Bij aanvang van het spel kan een speler over één of twee bonenvelden beschikken door één of meerdere bonen-kaarten voor zich af te leggen op tafel. Een bonenveld bestaat steeds uit een rij van bonen van dezelfde soort. Verder in het spel kan een speler ook een derde bonenveld kopen. Dit kost hem 3 munten, maar geeft hem ook het recht om drie bonenvelden te bewerken in plaats van 2. Hij ontvangt dan een 'derde bonenveld'- kaart.
.    De speler die aan de beurt is, moet 4 acties uitvoeren :
    .     Bonenkaart(en) uitspelen : De speler moet de bovenste (eerste) kaart van zijn stapeltje op één van zijn bonenvelden leggen. Hierbij moet de afgelegde bonenkaart overeenstemmen met de soort van het bonenveld. Indien gewenst mag de speler ook zijn volgende (tweede) bonenkaart afleggen op één van zijn
        bonenvelden. Het gebeurt vaak dat een speler de bovenste bonenkaart van zijn stapeltje niet kan afleggen op één van zijn twee (of drie) bonenvelden. In dit geval moet hij eerst plaats maken voor zijn bovenste kaart door één volledige bonenrijen te verkopen.
     Bonenveld verkopen : Hierbij kiest een speler één van zijn velden en vergelijkt het totale aantal bonen dat op dat veld ligt met de bonometer van die soort bonen. Hij is verplicht om alle bonen op dit veld te verkopen, ook al leveren enkele ervan hem geen munten op. De speler ontvangt het aantal munten waarop de bonen hem recht geven door een overeenkomstig aantal bonenkaarten om te draaien op de munt-zijde. De resterende bonenkaarten van dit veld die geen munten opleverden worden zichtbaar op de aflegstapel gelegd. Belangrijk : Een bonenveld waarop zich slechts één bonenkaart bevindt, mag niet verkocht worden. De enige uitzondering hierop vormt de situatie waarbij een speler op geen enkel veld meer dan één boon heeft liggen. In dit geval kiest hij zelf de bonensoort die hij wil opruimen. Hij ontvangt hiervoor echter geen munten/punten. Hij legt de gekozen bonenkaart op de aflegstapel.
    .     Bonenkaart(en) verhandelen of schenken : De speler neemt 2 bonenkaarten van de voorraadstapel en legt deze zichtbaar voor iedereen voor zich op tafel.
    Indien gewenst, behoudt hij één of beide kaarten en legt ze bij zijn derde actie (zie verder) op zijn bonen
    veld(en), of hij biedt één of beide bonenkaarten aan aan zijn medespelers. In het laatste geval kan hij zijn medespelers een voorstel doen om één of beide bonenkaarten te wisselen. Bv. "Wil er iemand deze bonenkaart voor een rode bonenkaart wisselen ?". Indien gewenst mag hij of zijn medespelers bij deze ruil ook handkaarten gebruiken. De positie van de handkaarten heeft geen invloed op hun inzetbaarheid bij een ruil. Belangrijk is wel weer dat de volgorde van de handkaarten niet veranderd mag worden. Om deze reden mag een handkaart alleen maar genomen worden op het moment dat ze effectief geruild gaan worden en niet eerder. Medespelers mogen tijdens handel alleen handkaarten aanbieden. Indien gewenst mag meer dan één bonenkaart aangeboden worden voor één andere. Er mag alleen handel gedreven worden met de speler die aan de beurt is, onderhandelingen tussen andere spelers zijn niet toegestaan. Alle kaarten waarmee onderhandeld werd, worden door alle spelers goed zichtbaar voor zich naast de bonenvelden op tafel gelegd. Deze kaarten mogen niet meer gebruikt worden om verder te onderhandelen, noch mogen zij terug ter hand genomen worden. Als geen enkele speler nog wil onderhandelen, is deze fase voorbij.
    Indien gewenst mogen spelers ook bonenkaarten schen    -    
        ken
aan andere spelers. De speler die aan de beurt is, mag de kaarten die hij van de voorraadstapel heeft genomen of handkaarten weggeven. Andere spelers mogen alleen handkaarten geven aan de speler die aan de beurt is. Geschenken mogen geweigerd worden !
    .     Bonenkaarten afleggen : Alle spelers moeten tijdens deze fase de verhandelde bonenkaarten op hun bonenvelden leggen. De speler die aan de beurt is, moet de behouden of bekomen bonenkaarten nu op de passende bonenvelden leggen. Indien hij dit niet kan, is hij verplicht om plaats te maken door één van zijn bonenvelden te verkopen (zie fase 1).
    .     Nieuwe bonenkaarten nemen : De speler die aan de beurt is, neemt één voor één 3 nieuwe bonenkaarten van de voorraadstapel en neemt deze ter hand. Hij voegt ze in de volgorde zoals hij ze genomen heeft achter de kaartjes die hij reeds in zijn hand had.
.    Nu is de volgende speler in uurwijzerzin aan de beurt.
.    Spelers mogen op elk moment - dus ook als ze niet aan de beurt zijn - eigen bonenvelden verkopen of een 'derde bonenveld'-kaart kopen. Indien gewenst mogen spelers ook allerlei beloften maken en zich daaraan achteraf niet houden.

Einde van het spel


.    Als de voorraadstapel op is, wordt de zichtbaar liggende aflegstapel geschud en opnieuw als voorraadstapel gebruikt. Als de voorraadstapel voor de derde maal volledig opgebruikt is, stopt het spel. De spelers krijgen nog één maal de kans om bonenvelden te verkopen, de hand kaarten mogen niet meer gebruikt worden.
.    De speler die op dat moment het meeste geld heeft verzameld, wint het spel.

Speeltips


Bij beginnende spelers is het bij 3 spelers bij het begin van het spel aangewezen om alle spelers 3 bonenvelden te geven i.p.v. 2. Bij 5 spelers is het aangewezen om het derde bonenveld slechts 2 munten/punten te laten kosten.

B O H N A N Z A  
Amigo   Rosenberg, Uwe   1997  
3 - 5 spelers   vanaf 12 jaar   45 min.  
             © Marc Van den Branden, Forum, 1997