Brandweer Koekelare Online


1. Taken van de Brandweer (NOG UP TE DATEN...)

Naast de brandbestrijding (schoorsteenbrand, keukenbrand, magazijnbrand, ...) zijn nog 22 andere taken aan de Brandweer opgedragen.

  1. Vervoer van en zorgen verlenen aan een verstikte of aan een drenkeling; zo nodig met aanvoer en toedienen van zuurstof.
            Dit betreft meestal inzittenden van een te water geraakt voertuig. Duikers* zoeken dan de auto en de drenkelingen om te kunnen helpen. Soms moeten de slachtoffers alleen bevrijd worden, soms moeten ze ook daadwerkelijk verzorgd worden.
            *Het Brandweerkorps van Koekelare beschikt op heden niet over een speciale duikploeg, alhoewel enkele leden wel de duiksport beoefenen in hun vrije tijd.
  2. Hulp verlenen bij een ontploffing.
            Een ontploffing kan ontstaan door een gaslek. In een woning die vol hangt met gas, is de minste vonk voldoende om de hele boel in de lucht te laten vliegen. Wanneer er een ontploffing gebeurt, kunnen er zich slachtoffers bevinden onder het puin. De brandweer zal het puin opruimen zodat de slachtoffers bevrijd kunnen worden. Jammer genoeg vallen er bij ontploffingen vaak veel gekwetsten, soms ook doden.
            Een voorbeeld van zo'n zware ontploffing die zich in 2002 in Koekelare (Bovekerke) voorgedaan heeft vindt u onder het archief van onze nieuwsflitsen.
  3. Hulp aan een persoon die in een lift is opgesloten.
            Het kan gebeuren dat een lift geblokkeerd zit. De brandweer gebruikt verschillende sleutels om de liftkooien te laten bewegen. Soms moeten de remmen van de lift manueel bediend worden. Indien het niet lukt om de kooi te laten zakken, dan zal de brandweer de liftdeur openbreken om zo de opgesloten persoon te bevrijden.
  4. Hulp aan een op een dak gevlucht persoon (inzonderheid wanneer het om een zwakzinnige gaat).
            Bij branden zie je heel vaak dat mensen naar het dak vluchten. Doordat ze via de trappen of nooduitgangen niet uit het gebouw geraken, is het vluchten naar het dak dan ook de enige mogelijkheid. Van zodra die persoon opgemerkt wordt, zal de brandweer een springzeil klaarzetten. Van op het dak kan die persoon zich redden door in het zeil te springen.
  5. Bevrijding van een onder puin of afbraak bedolven persoon.
            Vooraleer brandweermannen een persoon kunnen bevrijden bijvoorbeeld bij een instorting, ondersteunen ze het huis door balken en verwijderen ze het puin. Pas nadat een doorgang is gemaakt, kan het slachtoffer gezocht en bevrijd worden.
  6. Dringend vervoer van een zieke of van een slachtoffer van een ongeval (die zich op de openbare weg of op een openbare plaats bevindt).
            Sommige korpsen hebben zelf een ambulance in dienst (niet zo in Koekelare). Van zodra er iets gebeurd is (met slachtoffers), zal de ziekenwagen van de dienst (de brandweer of het ziekenhuis) die het dichtst bijgelegen is, zorgen voor het transport. Hier volgt een voorbeeld: er is een ongeval gebeurd waarbij er 2 gewonden vielen. Op 1 km van het ongeval is er een brandweerdienst met ambulance. Tien kilometer verder bevindt zich het ziekenhuis. De ziekenwagen van de brandweer zal de slachtoffers naar het ziekenhuis brengen. Indien de wagen van het ziekenhuis komt, zal er veel meer tijd verloren gaan. Door de ambulance kunnen de verplegers (dit zijn ook brandweermannen) bij een ongeval de eerste hulp toedienen met de nodige apparatuur ter beschikking.
  7. Bevrijding van een onder of in een voertuig geklemd persoon.
            Wanneer een slachtoffer in een voertuig geklemd zit, zal de brandweer het dak van het voertuig met een hydraulische schaar opensnijden. Indien het slachtoffer zich onder het voertuig bevindt, tillen ze het voertuig op. Hierbij is de brandweer heel voorzichtig, want een auto is heel zwaar, waardoor een slachtoffer verpletterd kan worden.
  8. Bevrijding van een geŽlektrocuteerd persoon.
            Sommige mensen springen heel onvoorzichtig om met elektrische draden. Een verkeerde handeling kan leiden tot elektrocutie. Peuters, kleuters en schoolkinderen kennen hiervan het gevaar niet. Heel dikwijls zijn ze nieuwsgierig wat het stopcontact is en steken er onbewust hun vingers in, wat een elektriciteitsschok tot gevolg heeft. In enkele gevallen is zo'n elektrocutie zo erg dat het slachtoffer verzorgd moet worden. Soms moet het slachtoffer gereanimeerd worden, want een schok door je lichaam kan een hartstilstand tot gevolg hebben.
  9. Bevrijding van een rioolwerker (verstikking in riool).
            In een riool ruikt het niet lekker. Ook komen er gassen vrij. Wanneer een rioolwerker hierop niet voorzien is, kan hij in ademmoeilijkheden geraken. Hij kan de gassen inademen en wanneer hij dan niet op tijd de uitgang vindt, kan de rioolwerker zelfs dreigen te stikken. Hier zal een brandweerman dus zelf het slachtoffer eruit moeten halen. Met persluchtmaskers zullen ze de werker zoeken en indien mogelijk trachten te redden door hem ter plaatse lucht te laten inademen. Lukt dit niet, dan zullen de brandweermannen de man uit de riool moeten dragen en verzorgen.
  10. Ophalen van een persoon uit put, kanaal, vijver, waterloop enz.
            Dit betreft meestal inzittenden van een te water geraakt voertuig. Duikers zoeken dan de auto en de drenkelingen om te helpen. Soms moeten de slachtoffers alleen bevrijd worden, soms moet men ze ook daadwerkelijk verzorgen. Er kunnen zich ook mensen in het water bevinden, die niet kunnen zwemmen. Ook hier zal de brandweer die mensen redden.
  11. Tussenkomst (opruimen) bij belemmering van de rijweg, met gevaar voor personen of goederen.
            Meestal zijn dit losgeraakte ladingen van vrachtwagens die niet goed vast gemaakt zijn. De ladingen die op de openbare weg liggen, worden door de brandweer verwijderd en weggevoerd. Vloeistoffen worden, indien mogelijk, overgetankt in een andere tank. Vrijgekomen niet-schadelijke stoffen spuiten de brandweerlieden weg, maar de schadelijke vloeistoffen dienen verwijderd te worden met speciale technieken (oplossende of opslorpende produkten).
            Bij stormweer kunnen losgerukte takken of omgewaaide bomen heel wat schade aanrichten. Zo kunnen die ook op de openbare weg terechtkomen, waardoor het verkeer niet verder kan rijden. Hier zal de brandweer de takken en bomen met zagen in stukken snijden en verwijderen zodat de rijweg terug vrij komt.
  12. Bevrijding van een persoon met ťťn van de ledematen geklemd in een machine.
            Het kan gebeuren dat een persoon met een lichaamsdeel gekneld zit in een machine. De brandweer zal proberen de machine manueel te bedienen om de persoon te bevrijden. Wanneer die persoon niet direct bevrijd kan worden, zal de brandweer de onderdelen van de machine demonteren. Stuk per stuk worden delen weggehaald of afgebroken net zolang tot de persoon kan bevrijd worden.
  13. Leegpompen van een kelder ingevolge overstromingen of lekkage aan de waterleiding die onder de openbare weg geÔnstalleerd is.
            Grote stormen kunnen overstromingen of volgelopen kelders met zich meebrengen. Water kan heel veel schade veroorzaken aan diepvriezers of meubels. Ook doordat huizen lager gelegen zijn dan de oppervlakte, kunnen ze last hebben van wateroverlast. Met behulp van pompen wordt het water weggezogen.
  14. Interventie in een gebouw bij lekkage van schadelijke gassen.
            Plots kan er in een bedrijf een gaslek ontstaan. De arbeider die dit opmerkt, slaat direct alarm, zodat alle mensen uit het gebouw kunnen vluchten. Ook wordt de brandweer verwittigd die het lek zal opzoeken. Van zodra het lek gevonden is, proberen ze het lek te dichten. Hierbij moeten ze heel voorzichtig te werk gaan, want de kans op ontploffing of vergiftiging is groot.
  15. Tussenkomst bij ontsnapping van stoom in een gebouw.
            Zie ook volgende taak. Hier moet de brandweer opletten voor brandwonden. Door de hete lucht kan een gas ontploffen.
  16. Tussenkomst bij oververhitte verwarmingsketel.
            Door een defect kan een verwarmingsketel constant branden. Daardoor kan de ketel oververhit raken, met alle gevolgen vandien natuurlijk. De ketel kan ontploffen.
  17. Luchtverversing van lokalen waar rook, gas of koudmakend mengsel is binnengedrongen.
            Bij brand in een gesloten gebouw kan de rook niet weg. Die rook verwijdert de brandweer door lucht in het gebouw te blazen met behulp van een overdrukventilator. Bij een gaslek zoeken ze dit op en trachten het te dichten.
  18. Interventie voor een vliegtuig dat in moeilijkheden verkeert.
            Het komt voor dat een vliegtuig in moeilijkheden is. Vanuit het vliegtuig kan gemeld worden dat de piloot een noodlanding moet maken. De brandweer van de stad of gemeente waar het vliegtuig zal landen, zorgt ervoor dat het "plaats" heeft om te landen. Dit kan een grote weide of een autosnelweg zijn, die dan wordt vrijgehouden. Het vliegtuig tracht dan hierop te landen. Doordat de hulpdiensten reeds aanwezig zijn, kan direct hulp worden geboden.
            Bij neergestorte vliegtuigen zal de brandweer de slachtoffers bevrijden, verzorgen en evacueren en de eventuele brand blussen.
  19. Interventie bij ramp of overstroming.
            Bij een ramp zal de brandweer, indien mogelijk, een eerste hulpverlening toedienen of helpen bij onmiddellijke evacuatie van mensen uit de omgeving.
  20. Neutralisering van een laag koolwaterstofverbinding of een zuur.
            Lekken veroorzaakt door illegale lozingen of door tankwagens worden geneutraliseerd en verwijderd. Hiervoor zal de brandweer een gasbeschermend of zuurbestendig pak gebruiken.
  21. Opsporen van een radioactieve bron die gevaar voor de bevolking kan opleveren.
            Met behulp van speciale meetapparatuur en uitgerust met individuele stralingsmeters (pendosismeter, alarmdosismeter, alarmdosistempometer, ...) kan de brandweer radioactieve bronnen opsporen.
  22. Verdelgen (onschadelijk maken en verwijdering) van wespennesten en verwijderen (eventueel met medewerking van een imker) van bijennesten of zwermen die gevaar meebrengen voor personen.
            Tijdens de zomer kunnen mensen heel veel last hebben van wespen. Het is heel belangrijk dat je niet zelf probeert om het nest te verwijderen, want dit zou heel veel last tot gevolg kunnen hebben. Daarom roep je best de hulp in van de brandweer. Die zal de wespennesten onschadelijk maken door het vernevelen van een vloeistof of poeder, zodat de wespen gedood worden. Daarna wordt het nest verwijderd.

Naast deze 22 "officiŽle" taken zijn er nog 3 bijkomende activiteiten, die tevens onder de prestaties van de vrijwillige brandweerman worden beschouwd:

(bron: cursus Brandweerman en http://west-vlaanderen.kbbf.be/)

Daarenboven geeft de Brandweer (in de persoon van de Preventie-Officier of de Technicus Brandvoorkoming) advies over de noodzakelijke brandpreventie en -interventie maatregelen indien de Burgemeester daarom verzoekt. Dit gebeurt bijvoorbeeld bij een vraag om advies over een aanvraag tot Stedenbouwkundige vergunning, (her-)vergunningsaanvraag voor een rustoord, kinderdagverblijf, school, logiesverstrekkend bedrijf (bijv. hotel, hoevetoerisme) ...

De Brandweer staat tevens in voor de periodieke controles van bepaalde gebouwen en installaties inzake de geÔntegreerde brandpreventie en -interventie maatregelen.

De Burgemeester staat aan het hoofd van de Brandweer. Onverminderd de bevoegdheden van de Burgemeester, is echter de Officier-Dienstchef als hoofd van de dienst verantwoordelijk op technisch en operationeel vlak. De Officier-Dienstchef is tevens verantwoordelijk voor de organisatie, goede werking en tucht van het korps. Het spreekt vanzelf dat hij hierbij beroep doet op de medewerking van zijn hiŽrarchische lijn (officieren, onderofficieren en korporaals). Tenslotte heeft ook elke brandweerman (of -vrouw) zelf een grote verantwoordelijkheid bijv. over zijn eigen veiligheid ťn die van zijn werkmakkers!

(Back to Homepage)


Webmaster en © foto's: Kapt. ir. D. Depreitere, Postoverste

Laatste aanpassing op: 13 februari 2011