Westvleteren:
Broeders
Trappisten, Sint-Sixtusabdij
Donkerstraat 12, 8640 Westvleteren
Klooster, tel. 057 40 03 76 en fax 057 40 14 20
Gastenhuis, tel. en fax 057 40.19.70 en fax 057 40 14 20
Op de flank van de Catsberg,
net over 'de Schreve', ontspringt de Vleterbeek die Westvleteren bevloeit. Maar in 1831 zocht nog een ander beekje zijn weg
naar Westvleteren: toen trok de prior van het pas gestichte klooster van de
Catsberg met een paar van zijn monniken naar de bossen van Sint-Sixtus om zich
te vestigen bij de kluizenaar Jan-Baptist Victoor. Een nieuw Cisterciënzerklooster
was geboren.
Dit
was nochtans niet de éérste religieuze vestiging op deze plek. Van 1610
tot 1784 bestond op 'de Patershoek' een klooster van paters Birgittijnen. En van
1260 tot 1355 was er een kleine gemeenschap van zusters. Ook de 'cella Beborna',
waarvan sprake in een akte van 806 uit de abdij van Sint-Omaars (= Saint Omer -
Frankrijk), is waarschijnlijk in dezelfde omgeving te situeren.
Waarlijk
een geestelijke estafetteloop doorheen de eeuwen!
1831 tot 2000
De
beginjaren (1831-1836) waren moeilijk. Toch was er een gestage groei van
de
gemeenschap: 23 leden in 1835, 52 in 1875.
Twee
maal stond de communiteit monniken af: in 1850 trokken 16 paters en broeders
naar Scourmont voor de stichting van ons dochterhuis, en in de jaren 1858-1860
werden een twintigtal van onze broeders naar Canada gezonden om er Tracadie (het
huidige Spencer in de V.S.) nieuw leven in te blazen.
Belangrijke
gebeurtenissen uit die eerste periode zijn verder: bouw van de 'oude kerk'
in 1840, oprichting van de lagere school rond 1840, in gebruikname van de eerste
brouwerij in 1839, verheffing van de priorij tot abdij in 1871, uitbouw van de
boerderij tot modelbedrijf voor de streek in de jaren 1875-1878.
Tijdens
de Eerste Wereldoorlog huisden in en rond de abdij honderden
vluchtelingen en bijna 400.000 geallieerde soldaten.
Na
de Tweede Wereldoorlog had onze gemeenschap niet zo'n goede naam: er waren o.a.
nogal wat uittredingen. De bisschop van Brugge, Mgr. De Smedt stimuleerde de
communiteit in die periode om de pastorale taken af te bouwen en terug te keren
naar de eigen Cisterciënzerroeping: afzondering én gastvrijheid.
De nieuwe kerk (1968), niet meer toegankelijk vanaf de straat, symboliseert de afzondering, het ruime gastenhuis (1964) en het Claustrum (1999) belichamen de gastvrijheid.
Sint-Sixtus
vandaag
Wat
is nu de zin van dit soort leven, en van die eeuwenlange trek naar de
eenzaamheid
van deze plek? Eén van onze abten schreef een paar jaren geleden: "De
monnik probeert te leven met de blik op oneindig. Zijn leven wil
een zoektocht zijn naar de Liefde. Een heel concreet verhaal van
liefdespijn en liefdesjubel." Geroepen
worden is ook "zich
stellen onder Gods Woord". dit is de Lectio Divina: luisterend en lezend
gaat het hart langzaam open voor Gods licht.
In onze nieuwe Constituties (1990) staat: "'De monnik moet met heel de drang van zijn hart op de Heer Jezus betrokken zijn. Alleen dàn zullen de broeders gelukkig volharden in een eenvoudig, verborgen en arbeidzaam leven als zij volstrekt niets stellen boven Christus."
Onze communiteit bestaat momenteel uit 29 broeders: de jongste is 28 jaar, de oudste 88. Samen proberen wij christen te worden en als gemeenschap te groeien 'in gelijkvormigheid met Christus'.

Het
wapenschild van onze abdij ‘Ut palma florebit' is een citaat uit psalm 92:
"de
rechtvaardige moge bloeien als een palmboom."
U ziet een gestilleerde palmboom, de staf en de sleutels van de abdij.
Zijn
wij als monniken dan "rechtvaardigen"? Oh, helemaal niet, maar
wij weten ons als zondaars aanvaard door een liefdevolle Vader. Moge het ons, in
dit derde millennium, gegeven zijn om zó in het leven te staan.
Wie
méér wil vernemen over de geschiedenis van onze abdij en over de concrete
levenswijze van onze gemeenschap, kan daarvoor terecht in "Het Claustrum",
een interactieve ruimte die vrij toegankelijk is tussen 14.00u en 17u00 in het
Ontmoetingscentrum "De Vrede". (vrijdag gesloten)